De IJssel bij Hattem
(Anne)


 
In dit artikel wil ik jullie graag wat vertellen over het vissen in de IJssel nabij Hattem. Er is daar in het voorjaar bijzonder veel vis te vangen. Dit komt omdat de vis vanuit het diepe naar de kant komt om daar af te paaien tegen het riet of obstakels onder water. De IJssel is omstreeks half april tot eind mei een waar El Dorado voor de sportvisser. Ook zijn er rond die tijd veel waterplanten en vogels aanwezig, onder andere pijltjeskruid, dotters en diverse orchideeën en aan vogels oeverzwaluwen en roerdompen. Zodat de uiterwaarden op dit tijdstip een lust voor het oog zijn, werkelijk uniek voor Nederland.

De IJssel is een typische regenrivier, die vanuit Duitsland slingerend door Nederland stroomt, om tenslotte uit te monden in het Zwarte Water. Typerend voor de IJssel zijn wel de snel stromende stukken, maar ook zijn er plaatsen waar het water redelijk rustig stroomt, wat voor de beginnende vliegvisser erg aantrekkelijk is. Dit zijn dan ook de plekken waar men het meest succes heeft. Omdat u eigenlijk tijdens de paaitijd vist wil ik u verzoeken de vis netjes te behandelen (het weerhaakloos vissen staat hier voorop) ZET ZE NETJES TERUG. ZE ZIJN TENSLOTTE IN HUN BRUIDSDAGEN.

 

Materiaal

Voor de IJssel kan men het beste een negenvoets hengel gebruiken en een #4 lijn. Korter mag ook, maar korter dan 8'6" zou ik niet gaan. Voor de vliegenlijn kun u het beste een drijvende weight forward gebruiken (in verband met wind). Zwaardere lijnen zijn sterk af te raden, omdat de aanbeten sterk verminderen door de weerstand van de lijn.

Sinktips enzinkende lijnen zijn absoluut ongeschikt. (Tenzij u de vis wilt hakenl!)


Leader

Hiervoor kunt u gewone 7 of 9 voets standaardleaders gebruiken. Dus geen dure leaders van 20 pieken, tenzij u geld teveel hebt. Aan de 7 of 9 voets leaders knoopt u een tip van twee meter 14.00 Let wel, ik spreek nu over de IJssel waar het langzaam stroomt met een gemiddelde diepte van 1.50 meter. Wanneer de leader slecht zinkt, kunt u het dikke gedeelte met een schuurpapiertje behandelen en daarna met een zinkmiddel insmeren. Spuug of zeepsop gaat ook (milieuvriendelijke zeep !! of IJsselmud !!).
De beetverklikker zet u plm. 10 cm onder de verbinding vliegenlijn leader. Voor beet-verklikkers kunt u diverse materialen gebruiken. Bij voorbeeld: oranje stukje vliegenlijn, kunststof balletjes (Orvis) of een matje met plakfoam die je om je lijn kunt rollen. Mijn advies: neem wel goed zichtbare verklikkers en zorg dat u ze in verschillende kleuren heeft. Zwart is namelijk bij bepaald licht beter te zien dan oranje of geel.

 

Kleding

Ook in het voorjaar kan het nog koud zijn, zorg dus dat u warm gekleed bent. Neem geen lieslaarzen mee, want hier heeft u niets aan. Met een waadpak bent u het mannetje. Gebruik van een zonnebril is een must. Liefst een polaroid. Deze haalt de schittering van het water, waardoor u de aanbeten beter ziet en tevens heeft u en goede bescherming voor uw ogen.

 

Vissen op snel stromend water

Wanneer u op snel stromend water vist verleng dan uw negenvoets leader met 5 meter tip. (Tip: wanneer u geen nimfen verspeelt, vist u te hoog) Op het snel stromende water vissen we meestal tussen de kribben, aan de rand van de nering. Niet bij elke krib huist vis, dus u zult moeten zoeken. Kijk goed naar springende en draaiende vis.

 

 

Op de tekening staat aangegeven waar u vis kunt verwachten. Wanneer u stroom­opwaarts gooit, laat u de nimf op diepte komen. Wel zal de lijn sterk in een bocht gaan lopen. Dit moet u voorkomen door de lijn te menden (overgooien). Wanneer de nimf goed op diepte komt, kunt u een aanbeet verwachten. Uw beetverklikker zal tegengehouden worden of een eindje wegschieten. Op dat moment slaat u aan en volgt een dril van voorn of brasem.

Vis altijd op de rand van de hoofdstroom en nering. Middenin de IJssel werpen heeft geen enkele zin.

 

Vissen op langzaam stromend water

Hiervoor gebruiken we een zevenvoets-leader met twee meter tip. De beetverklikker kunt u afhankelijk van de waterdiepte afstellen. In het algemeen twee maal de diepte van het water. Dus: water met een diepte van 1 meter, beetverklikker op 2 meter.

Wanneer u gericht op brasem wilt vissen, zult u diep en langzaam moeten vissen. De nimf moet als het ware over de grond slepen. De aanbeet zal zich meestal kenmerken door het vastlopen van de lijn. Een enkele keer ziet men een duidelijk wegtrekken van de beetverklikker. Bij het nimfvissen op voorn zult u wat actiever moeten vissen. De nimf mag rustig wat hoger lopen en ook wat sneller. Zorg wel dat er zo weinig mogelijk vliegenlijn op het water rust. Dus hou de hengel HOOG, zodat de vis weinig weerstand voelt en de aanbeten veel feller zullen zijn. De aanbeten zullen veel beter te zien zijn dan die van brasems.

 

Stekken

De beste stekken vindt u nabij Zalk en Kampen. Zoek in ieder geval naar plekken waar veel riet staat.

Let wel, deze technieken zijn niet alleen voor de IJssel, maar zijn geschikt voor elke rivier in Nederland. Succes!

Anne
 

Kort samengevat:

Snel stromend water
9-voets leader + 4-5m tip

zware nimfen (haak 10 langstelig)

70 loodwikkelingen 0.39
Langzaam stromend water
7-voets leader + 2m tip

lichtere nymphen (haak 10 langstelig)

25-40 loodwikkelingen 0.39
 

Onderstaand nog een kort overzicht van de te gebruiken nimphen op snel en langzaam stromende gedeeltes van de IJssel.