Zo is vissen niet bedoeld

 

 

De forel lag net daar waar het hoge gras zich over de oever boog. Een mooie tweeponder, onwaarschijnlijk mooi voor dit water: een begroeid, maar glashelder beekje dat zich door de hooivelden slingerde.

Ik zou de vis nooit gezien hebben als ik niet speciaal naar zo'n soort vis op zoek was geweest en oog had gehad voor de open en dicht gaande bek. Een kleine March Brown, een grasmotje imiterend, leek me de beste keuze en de worp naar de overkant van het beekje waar de vis lag, was zo simpel als het maar kon.

Niettemin gooide ik een beetje te ver en kwam mijn leader zonder punt terug. Het spreekt uiteraard vanzelf dat het mijn laatste leader was en ik had ook geen dun nylon meer, dus besloot ik een vlieg te binden aan de ingekorte leader. Terstond verloor ik ook deze aan de overhangende tak van een boom.

Knap pissig knoopte ik een derde vlieg aan het nu belachelijk korte en dikke restant en smeet dat als het ware naar de forel. Tot mijn verrassing werd de vlieg direct genomen en ik trok de forel, die uiteraard aan dat dikke nylon geen enkele kans had, direct tot vlak voor mijn voeten.

Daar werkte hij de vlieg op de een of andere manier uit zijn bek en deze werd door de strakgespannen lijn in de boom boven me geslingerd. Razend smeet ik mijn hengel met alle macht naar de vis. Het ondereind trof hem vol op de kop. Vooroverbuigend om hem op te pakken rolde er een steen onder mijn voet vandaan en ik plofte languit in de beek. Leunend op mijn ellebogen zag ik de vis langsdrijven, met de staart slaan en met een triomfantelijke sprong onderduiken.