Wenne
(Rob B, 1999)

 

 Na jaren was het eindelijk weer eens zover: we zouden gaan vissen in het Duitse riviertje de Wenne. Goede herinneringen bewaarden we aan het gast­vrije pension van Frau Klauke-Becker in Wennholdshausen. Op de brug van de Wenne, tien meter van het pension plachten we stukjes brood in het water te deponeren, waarna gulzige drie en vierponders zich er als bezeten op stortten. Helaas herinneringen kleuren de werkelijkheid en toen we, Hans Vrijhof, ons oud-lid Jan de Vrijer en ondergetekende op de brug naar bene­den keken zagen we een stuk of zes visjes van een centimeter of vijftien lengte staan.

Denk niet, u kent me, dat het weekeindje helemaal zonder problemen begon­nen was. Nee, dat zou te gek geweest zijn. Geheel in stijl vergat ik mijn pas aangeschafte nieuwe waadstok, zodat ik het hele weekeind gezellig kon uit­glijden over de spekgladde rivierbodem. Maar dat was uiteraard nog niet alles. Op de heenweg moesten we via Kleve, want Hans en Jan moesten een nieuwe Angelschein hebben. Ik gelukkig niet want ik had pas twee jaar gele­den een nieuwe Funfjahreschein aangeschaft en ik kon dus nog wel even voort. Terwijl een vriendelijke beambte de vergunningen zat uit te schrijven schoot me ineens te binnen dat ik weliswaar in het bezit was van een nog volop geldige vergunning, maar dat ik deze thuis in een lade van mijn bureau had laten liggen....

Tja dan maar op een holletje een fotograaf opgezocht voor het maken van pasfoto's (latere inspectie van mijn rijbewijzenmap leerde me dat ik er daar nog twee in had zitten van een paar maanden geleden toen ik een nieuw pas­poort moest laten maken, ook weer voor noppes gedaan dus) en weer terug naar het stadhuis voor het aanschaffen van een jaarvergunning.

Enfin, toen op weg naar het Sauerland. Nou ja, op weg, ik heb het idee dat we de bijna 300 kilometer zo'n beetje stapvoets hebben afgelegd. We verlieten om onge­veer 11 uur Kleve en kwamen rond vier uur (hierbij geholpen door het haar­scherpe kaartlezen van Hans die me een verkeerde afslag opjoeg) in Wenholtshausen aan. Om daar die kleine snertvissies in het water te zien staan. Jan bleek wat moeite te hebben met het uitzoeken van een hotelka­mer, maar nadat hij er zo'n stuk of zes had geïnspecteerd, ging hij tenslotte toch akkoord. Vervolgens naar het hotel voor de aanschaf van de vergunnin­gen en na een rondje koffie met gebak gingen Hans en Jan er tegenaan. Ik had helaas wat werk van mijn bedrijf mee moeten nemen (ik word toch ook steeds belangrijker...). Er werd met diverse droge vliegjes gevist, maar toen de heren terug kwamen luidden de berichten niet best: Hans had hele­maal niets gevangen en Jan had toch nog kans gezien om een klein forelletje te verschalken.

 's Avonds was het gezellig in het pension, mede dank zij het gezel­schap van twee andere Nederlanders, die de nieuwe importeurs van het merk Browning bleken te zijn. Goed gehumeurd vlogen de steke­lige opmerkingen en witzen over en weer en de andere dag bleek het importeurschap niet simpelweg vlagvertoon. Terwijl wij het met af en toe een visje moesten doen bleken de heren met uiterst geconcen­treerd vissen, flinterdunne leaders met schokbrekers en bijkans onzichtbare nimfjes al downstreams vissend de ene vlagzalm na de andere forel te verschalken. Groot was het allemaal niet, leuk wel.

Ook de laatste dag werd de vis duur betaald. Twee forelletjes van een centimeter of twintig was mijn persoonlijke score. Jan en Hans deden het nauwelijks beter en moest de beste score weer komen van de nieuwbakken broodvissers.

Nee, voor de vangsten moet je het niet meer doen, maar een relaxed weekeindje uit is ook wat waard!!