Noorwegen

(Ingrid en Leen,2001)

 Zoals altijd was ook ditmaal Noorwegen ons doel. Op de bonnefooi gingen we naar Kvister, Om half twee 's nachts weg uit Krimpen, slapen in Duitsland, de ferry naar Gothenborg, weer een nachtje slapen in Stersund en dan einde­lijk, onze eindbestemming. Een leuk hutje voor twee personen, niks luxe, niks bijzonders, maar we zitten droog en uit de wind. We gaan vissen op grote kabeljauwen, makrelen, koolvis en misschien een zeewolf. Maar het weer wil niet echt meewerken: begin augustus en een temperatuur van zo'n 9 graden. We besloten toch onze hengel maar uit te gooien in de Foldafjord en ja hoor, we vingen wat kabeljauw, schelvis en koolvis. De andere dag kochten we wat garnalen om als aas te gebruiken en dat hielp wel, we vingen dezelfde vissoorten maar wel in grotere aantallen

's Avonds besloten we op elanden­safari te gaan en niet zonder succes. We hielden ons stil in het bos en dat werd beloond, we zagen een eland, 13 herten en een vos.

Ze hadden ons verteld dat de zalmkwekerij een goeie stek opleverde om op platvis te vangen. Nu was goeie raad duur want er bleken er drie te zijn. Na lang zoeken vonden we eindelijk de bedoelde en vijf lange uren vissen lever­den ons 6 scharren (die in de pan heerlijk smaakten) en twee gulletjes die we teruggooiden.

De volgende dag goot het van de regen, reden om maar eens een zalmrokerij te gaan bezoeken. De heerlijke lucht alleen al! We werden door een Engels sprekende man rondgeleid en hij vertelde zo enthousiast dat we niet zonder gerookte zalm de deur uitkwamen. Het smaakte zo goed dat we in de stemming raakten om door te reizen naar de Namsen of de Bjora. En eindelijk gaat de temperatuur ook wat omhoog, de thermometer tikt bijna aan de twintig graden.

Maar de rivieren zijn veel te breed om zonder boot te bevissen en het huren van een boot, nou daar hadden die Noren daar wel kaas van gegeten. Net als trouwens de prijs van een hut; uit pure ellende hebben we maar een nachtje in de tent geslapen. We reden de dag erop door naar Orkdale, daar konden we voor een schappelijke prijs een hutje voor een hele week huren en ook voor een vergunning werd het vel niet al te strak over de oren getrokken: 300 kroontjes voor een weekkie. Maar ja, het weer en die vangsten zijn al net zo goed als waar die Ierse opsnijders altijd over vertellen!

11 Agustus. Weer een dag helemaal niets. En oh, wat halen ze het bloed onder je nagels vandaan met die salto's over je hengel. Van ellende gingen we maar eens bij de zalmtrap kijken, daar zag je ze tenminste in volle glorie voorbij glijden. Kortom, ze zaten er dus wel, maar ook daar kunnen die lerlandgangers over meepraten. En onze pech doet ook niet voor hen onder: onze auto gaf volledig de geest en moest voor een spoedreparatie naar de garage. We moesten twee dagen wachten; in de tussentijd gooiden we er nog maar eens een elandensafari tegenaan. En we mochten niet klagen, we zagen 6 van die zware jongens, zeker 40 herten 4 vossen en wel een heel vreemd soort hoen. Misschien een soort grouse, of zo. We keerden de neus van de auto maar weer om en koersten zuid.